De Telegraaf: Jacques Brinkman: 'De zwakke plekken van Oranje'

In De Telegraaf levert Jacques Brinkman kritiek op het Nederlands elftal:
Eén overwinning tegen België (3-0) en twee pijnlijke nederlagen tegen respectievelijk Spanje (0-2) en Duitsland (2-3). Het vierlandentoernooi in Düsseldorf heeft de zwakke plekken van de Oranje hockeymannen haarfijn blootgelegd. Lichtpuntjes waren de eerste twintig minuten tegen Duitsland en het weergaloze doelpunt van spits en uitblinker Billy Bakker.
Veel wisselen
Bondscoach Bert van Marwijk hield na het succesvolle WK halsstarrig vast aan zijn tactiek en personele bezetting. Oranje faalde hopeloos tijdens het afgelopen EK voetbal. Dat moeten wij als Oranje hockeymannen in ieder geval voorkomen, moet bondscoach Paul van Ass gedacht hebben. Van Ass wisselt net zo makkelijk van tactiek en opstelling als van zijn legendarische metaforen.
Waren het eerst de hoge bomen Teun en Taeke, nu zijn het spelers in een vijver met een paar haaien erin. In Düsseldorf zijn er in ieder geval een paar spelers opgegeten door hongerige Spanjaarden en Duitsers.
Het vele wisselen met spelers en opstelling bevordert het vertrouwen niet en zorgt voor onduidelijkheid. Ik mis een herkenbare speelstijl bij Oranje. Is de ploeg van bondscoach Van Ass nu een counterploeg of speelt het full-press? Dat zou in deze fase duidelijk moeten zijn. Te vaak spelen de linies te ver uit elkaar en daar maakt een topploeg als Duitsland dankbaar gebruik van.
Aanvoerder Evers
Het gebrek aan herkenbaarheid en duidelijkheid werd in Düsseldorf gesymboliseerd door aanvoerder Floris Evers die tegen Duitsland op de bank begon. Een verkeerd signaal naar je eigen spelersgroep, maar ook naar de tegenstander. De aanvoerder van Oranje begint altijd in de basis of je moet een andere aanvoerder kiezen.
Naast het feit dat het onduidelijk is welke spelers meegaan naar Londen, is bondscoach Van Ass nog steeds aan het rouleren met spelers op verschillende posities. Vorige week in Zoetermeer tegen België en gisteren tegen Duitsland staat verdediger Sander de Wijn ineens op het middenveld. Moet je dit soort experimenten willen zo vlak voor de Spelen?
Tegenslagen
De Oranje hockeymannen zijn bij tegenslag zoals bijvoorbeeld een tegendoelpunt meteen van de kaart en de ploeg hangt dan als los zand aan elkaar. Het team kan niet terugvallen op een veilige, vertrouwde, stabiele basis. Ik mis een leider die de ploeg in moeilijke momenten op sleeptouw neemt.
De sfeer is goed, er is geen sprake van kliekjesvorming en botsingen, het vertrouwen in succes op de Olympische Spelen onverminderd groot. Dat zijn tenminste de geluiden die je ook na twee pijnlijke nederlagen in Düsseldorf hoort. Toch luid ik de noodklok. Oranje mist een functionele dwarsligger, daarom doe ik het maar.
Jaap Stockmann: 6, weinig kijk op strafcorner van Zeller, kan meer sturing aan achterhoede geven, mist topvorm, absolute nummer 1 tijdens Olympische Spelen.
Tim Jenniskens: 5, moet omschakelen van vertrouwde rechtsachter positie naar middenveld, speelde ongelukkig, onzekerheid olympische selectie knaagt.
Marcel Balkestein: 6, harde werker, moet het echt hebben van verdedigende acties, opbouwend minder, mist vertrouwen.
Wouter Jolie: 6, speelt flets, centraal achterin samen met Robert van der Horst, veel minder dominant als bij zijn club Bloemendaal.
Billy Bakker: 8, beste speler van Oranje, scoort weergaloos doelpunt, jubilaris met 50e interland, wat een progressie.
Roderick Weusthof: 6, loopt soms wat verloren rond in voorhoede, werkt keihard, aanname niet altijd 100%, in strijd met Mink van der Weerden en Taeke Taekema voor twee plekken in Oranje.
Taeke Taekema: 6, geen schim van de aanvoerder van Amsterdam, speelt kleurloos op de rechtsachter of linksachter positie, veel hoge ballen, verbaal niet aanwezig.
Robbert Kemperman: 6, paar aardige acties, rendement te laag, zowel aanvallend als verdedigend op beslissende momenten te vaak net niet.
Sander Baart: 5, doet enorm zijn best, mist scoringskans, komt tekort op internationaal topniveau, vooral gebrek aan handelingssnelheid.
Floris Evers: 6, mager zesje, onzichtbaar, zeker in de tweede helft, geen spits, meer middenvelder, heeft veel balcontacten nodig om zich in wedstrijd te spelen, onmisbaar in groepsproces.
Sander de Wijn: 7, multifunctioneel, scorend vermogen, snel, verdedigend sterk, fysiek en conditioneel in orde, verschillende posities maakt onrustig.
Rogier Hofman: 5, weinig tot geen aanvallende rushes gezien, afwezig, niet langer talent, afgerekend op prestaties, potentie komt er nog niet uit.
Robert van der Horst: 7, speelt altijd minimaal een ruime voldoende, leider in achterhoede en misschien wel van dit Oranje, fenomenale lange backhand pass.
Seve van Ass: 6, super talent, paar mooie acties vlakbij de aanvallende cirkel, rendement ontbreekt nog, legt het af tegen fysiek sterke tegenstanders, Londen 2012 komt te vroeg, is er in Rio 2016 zeker bij.
Valentin Verga: 5, acties lukten niet, zekerheidje in olympische selectie, spel mag niet meer door ondergrens zakken, temperament en spelvreugde ontbrak en dat is juist zijn kracht.
Mink van der Weerden: 5, specialiteit strafcorner niet in stelling kunnen brengen, veldspel onvoldoende voor olympische selectie, voorbeeldige teamspeler.
Bondscoach Paul van Ass: 5, twijfel, onduidelijkheid en onvoorspelbaarheid slaat over op het team, eenzaam aan de top, topsport is bikkelhard, resultaat telt.
Klaas Vermeulen, Jeroen Hertzberger, Teun de Nooijer, Bob de Voogd en Quirijn Caspers speelden tegen Duitsland niet mee.
Bron: De Telegraaf